Productie

» Hoe wordt papier gemaakt?

Papier wordt hoofdzakelijk gemaakt van hout en/of oudpapier. Na het zagen worden de stammen en takken verkleind tot spaanders zodat ze beter kunnen worden verwerkt. De houtspaanders (of chips) worden fijngemalen of gekookt. In beide gevallen worden de vezels in het hout van elkaar losgemaakt. Door water bij de vezels te voegen ontstaat pulp (een brij van papiervezels). Pulp is de grondstof voor nieuw papier, of die nu van verse vezels komt of van oudpapier. Als oudpapier de grondstof is wordt het ingezamelde papier en karton opgelost in water en gereinigd en indien voor het eindproduct gewenst ontinkt en gebleekt. Daarna is de papierpulp klaar voor productie. Als de pulp de papiermachine ingaat bestaat deze voor 99% uit water en 1% uit houtvezels. De pulp gaat over een zeef.  Het water wordt afgevoerd en hergebruikt. Vervolgens wordt het papier tussen rollen geperst en aansluitend gedroogd. Als het papier klaar is bestaat het voor nog maar 6 à 10 procent uit water, afhankelijk van de papiersoort. Het wordt op een grote brede rol gewikkeld en daarna tot kleinere en smallere rollen of vellen gesneden. Dan is het klaar voor gebruik.

» Vernietigt de papierindustrie bos?

Neen. Integendeel. Op wereldniveau verdwijnt er veel bos. Maar mede door de grote productiebossen van de hout- en papierindustrie groeit de bosoppervlakte in Europa. Sinds 1950 is het Europese bosoppervlak toegenomen met 30%. Met zorg wordt bos verbouwd, geoogst en hergeplant. 11% van het wereldwijd geoogste hout wordt direct door de papierindustrie gebruikt. Ter vergelijking: 50% van het geoogste hout wordt gebruikt om te verwarmen en koken. Verantwoord beheerde bossen dragen bij aan de vermindering van de klimaatverandering. Tropisch hout wordt niet gebruikt voor de productie van papier. De houtvezels daarvan zijn niet geschikt voor de papierproductie. Bekijk de film.

» Wordt chloor gebruikt voor het maken van wit papier?

Pulp van houtvezels is de basis van papier. De pulp is een natuurproduct. Pulp is niet wit. Pulp van verse vezels heeft een bruine kleur. Pulp van oudpapier is grijs. Afhankelijk van de uiteindelijke toepassing wordt pulp gebleekt.

Pulp kan op verschillende wijzen worden gebleekt:

  • chloorgebleekt;
  • ECF (Elementair chloorvrij);
  • TCF (Totaal chloorvrij).

Chloorbleking komt vrijwel niet meer voor. Chloorbleking komt bij Nederlandse papierfabrieken zelfs helemaal niet voor. Bleekchemicaliën kunnen zijn zuurstof, waterstofperoxide en ozon.

» Is de productie van papier duurzaam?

Iedere vorm van productie kost energie en grondstof. Ook de productie van papier en karton. De papierindustrie probeert zo efficiënt mogelijk om te gaan met energie en daarbij zoveel mogelijk grondstoffen te hergebruiken. Hout is de primaire bron van papier en karton. Bomen nemen CO2 op. Jonge bomen uit productiebosen nemen meer CO2 op dan oude bomen. Het bosoppervlakte in Europa groeit. De productiebossen van de hout- en papierindustrie zijn daar mede oorzaak van. Door gebruik van bio-energie, bijvoorbeeld uit hout(resten), kan de industrie vrijwel volledig in haar eigen energiebehoefte voorzien. De Europese papierindustrie verzorgt meer dan de helft van haar eigen energie met bio-energie. Sterker nog, de papierindustrie levert zoveel bio-energie dat zij inmiddels een grote energieleverancier is. De papierindustrie is koploper in de biobased economy. Ook restwarmte wordt ingezet in het productieproces. Ieder jaar stelt de industrie zich ten doel nog minder water te gebruiken. En dat lukt! Daarnaast wordt 85% van het gebruikte papier en karton ingezameld en hergebruikt. Ruim 80% van het in Nederland gemaakte papier en karton bestaat uit oudpapier.

» Is veel energie nodig voor het maken van papier?

De productie van papier is relatief energie-intensief. Echter, 54% van de door de Europese papierindustrie gebruikte energie is bio-energie. Ter illustratie: voor de productie van 200 kilo papier is 500 kWh nodig. 500 kWh is ook nodig om een desktop computer 5 maanden non-stop aan te laten of een 60 Watt lamp één jaar lang continu te laten branden.