Productiebossen

Bos dat enkele jaren groeit totdat het geschikt is om grondstof te leveren voor bijvoorbeeld de papierindustrie heet productiebos. Productiebossen worden ook wel houtakkers genoemd. Snelgroeiende boomsoorten als acacia en eucalyptus, worden geoogst en opnieuw aangeplant. Productiebossen worden intensief gebruikt. Circa 25 miljoen hectare van het wereldwijde bos is productiebos. Dat is 0,2% van het wereldlandoppervlak (*). Mede door de productiebossen van de hout- en papierindustrie groeit de bosoppervlakte in Europa.

Zorgvuldig beheerde (productie)bossen vervullen een belangrijke rol bij de transitie naar een groene economie.  Zij helpen de mondiale ontbossing en verslechtering van de bosstand tegen te gaan. Uitbreiding van het aantal productiebossen is zelfs noodzakelijk. Door de groei van de bevolking en economie zal in het jaar 2050 circa 250 miljoen hectare extra (productie)bos nodig zijn. In Europa is elf miljoen hectare extra productiebos vereist (**). Niet alleen voor de papierindustrie, maar vooral voor de houtmarkt en productie van bio-energie.

Productiebossen:

  • vervangen geen oorspronkelijk bos in Europa;
  • groeien sneller en kunnen productiever zijn dan oorspronkelijk bos;
  • zijn certificeerbaar en duurzaam;
  • nemen meer CO2 op dan oude bossen;
  • kunnen erosie en grondvervuiling helpen voorkomen;

Productiebossen kunnen milieuvriendelijke bronnen zijn voor hernieuwbare energie en industriële grondstoffen (**)).

Worden productiebossen aangelegd op de juiste plek en duurzaam beheerd,  dan kunnen zij de druk verminderen op het in productie brengen van oorspronkelijk bos. Productiebossen kunnen milieuvriendelijke bronnen zijn voor hernieuwbare energie en industriële grondstoffen (**).

(*) UNEP, Forests in a green economy, 2011.

(**) WWF, Living Forest Report, 2012, Chapter 4.