Tijdschrift en milieu

CE Delft heeft inzichtelijk gemaakt waar in de productieketen van tijdschriften welke emissies plaatsvinden. De levenscyclusanalyse-methode (LCA) is toegepast op de tijdschrift Petrochem, Op Pad en SNP Reizen. Gekeken is naar:

  • papierproductie;
  • energiegebruik bij de uitgeverij en drukkerij;
  • gebruik van inkt en hulpmiddelen in de drukkerij;
  • verwerking/recycling van papierresten;
  • afvalstromen;
  • verpakking;
  • transport tussen de ketenstappen in;
  • het tijdschrift zelf.

Een groot aantal milieueffecten is onderzocht, waaronder de klimaatimpact. De klimaatimpact (ofwel de emissie van broeikasgassen) van een tijdschrift varieert en is afhankelijk van de keuzes die worden gemaakt met betrekking tot de bovengenoemde punten. Naast de klimaatimpact bekijkt het project ook andere milieueffecten waardoor een Overall milieuscore kan worden gegeven. Deze is met name bij het deelproject Petrochem interessant.    

Petrochem: 40% reductie Overall milieuscore

Industrielinqs kiest voor haar vakblad Petrochem voor papier van producent Paperwise. Dit papier is grotendeels gemaakt van suikerrietafval. Een klein deel bestaat uit houtvezels van de eucalyptusboom. Door dit ‘afvalpapier’ in te zetten daalt de Overall milieuscore met maar liefst 40 procent! Dat is inclusief het verschepen van het papier vanuit India waar het papier wordt gemaakt. Bij de bepaling van de Overall milieuscore worden meer milieueffecten meegewogen dan CO2 alleen. Denk aan ozonlaagaantasting, uitputting van mineralen en metalen, onttrekking van water en landgebruik. Het onderzoeken van meerdere milieueffecten in een levenscyclusanalyse (LCA) betekent een andere eindscore dan wanneer alleen de Carbon footprint wordt berekend. Wordt alleen daar naar gekeken dan is een reductie te zien van 10%. Het is maar net waarop de focus wordt gelegd in een onderzoek. Dit is van groot belang bij vergelijking van resultaten van verschillende projecten. 

Landgebruik

De hoofdgrondstof van het papier van Paperwise is restafval van de rietsuikerplant. De milieu-impact van de teelt of productie van die plant wordt naar waarde verdeeld over de producten die er uit voortkomen, zoals rietsuiker en restafval. De milieu-impact van de teelt vloeit onder meer voort uit het brandstofverbruik daarvoor, het gebruik van mest en uit biodiversiteitseffecten op de akker (landgebruik). Van alle impacts draagt vooral landgebruik bij aan de lage Overall milieuscore van Paperwise papier. Hoe zit dat? Rietsuiker is het meest waardevolle product uit de teelt en krijgt het grootste deel van de milieu-impact toebedeeld. De milieu-impact wordt dus niet aan het landbouwafval toegerekend waarvan het papier wordt gemaakt. En dat is terug te zien in een veel lagere Overall milieuscore. Nota bene: zeven procent van de behaalde 40 is toe te schrijven aan een lager gramsgewicht voor het binnenwerk van het tijdschrift. De effecten van een lichtere papiervariant komen uitgebreid aan bod in het project Duurzaam Tijdschrift I. Paperwise-papier is 80-grams en Petrochem werd eerder op 100-gramspapier gedrukt. Download het rapport van CE Delft

LCA-discussie

Een LCA helpt om de duurzaamheidsknoppen in het uitgeefproces te kwantificeren. Het blijft echter een rekenmethode met definities en aannames. Discussies kunnen ontstaan over welke onderdelen worden berekend en vergeleken en wat onder welke definitie valt. Of over op welk rekenelement de nadruk wordt gelegd in de conclusies. Bijvoorbeeld: wat valt onder ‘landgebruik’? Het project met Petrochem wakkert de LCA-discussie aan. De Nederlandse papierindustrie maakt papier van onder meer olifantsgras. Dat groeit op braakliggende terreinen (grondstroken naast snelwegen), waar geen voedselgewassen worden gekweekt. Is dat landgebruik toe te rekenen aan de snelwegen en dus niet aan het olifantsgras? En is het papier daarmee ook 40% duurzamer? Interessante vragen, bijvoorbeeld in discussies over duurzaamheid van print versus digitaal. 

Meer tijdschriften met gelijke footprint

Bij verduurzaming van uitgeefproducten is de rol van de uitgever cruciaal. Dat maakt het deelproject met ANWB Media duidelijk. Vóór het samenvoegen van de redacties verschenen ieder jaar acht edities Op Pad en vier edities SNP Reismagazine. Ná het samenvoegen zullen jaarlijks zes edities Op Pad en zes edities SNP Reismagazine het licht zien. Omdat SNP Reismagazine een hogere oplage heeft, betekent dit, dat er, verdeeld over 12 edities, jaarlijks circa 45.000 extra tijdschriften zullen worden geproduceerd. Ondanks dat Op Pad in pagina’s iets terug gaat in omvang (van 92 naar 84 pagina’s per tijdschrift) betekent de verandering meer papier en dus milieu-impact. Kan die extra impact worden gecompenseerd door de milieuwinst die volgt uit de vermindering van redactie en vlieg- en autoreizen? 

Door het samenvoegen van de redacties van ANWB Media zijn minder FTE’s werkzaam en nemen de vliegtuigkilometers van de redactie af met 30% en de autokilometers met 10%. De klimaatimpact (carbon footprint) van de uitgever daalt hierdoor met 9.100 kg CO2-eq voor alle edities Op Pad en SNP Reismagazine samen. Deze daling staat gelijk aan bijna 65.000 km autorijden en het jaarlijks gemiddeld elektriciteitsverbruik van negen tweepersoonshuishoudens.

Meestal wordt aangenomen dat de bijdrage van het uitgeverijbedrijf sec aan de klimaatimpact van uitgefproducten gering is. Duurzaam Tijdschrift II wijst iets anders uit. De Carbon footprint van het uitgeverijbedrijf neemt door de maatregelen van ANWB Media met één derde af, op jaarbasis. Een prachtig resultaat voor de uitgever die zichzelf en zijn organisatie verduurzaming tot doel stelt. Bij een gelijke totale oplage van Op Pad leiden de samenvoeging van de redacties op één locatie en vermindering van pagina’s tot een daling van de totale klimaatimpact van het magazine met 12% per jaar. De invloed van het uitgeverijbedrijf sec op de totale klimaatimpact is daarmee fors. Wordt gekeken naar de totale klimaatimpact van Op Pad en SNP Reismagazine samen dan blijkt dat de Carbon-footprint van de twee titels ondanks 45.000 extra tijdschriften gelijk blijft. Download het rapport van CE Delft