Luier

De luier kan door nieuwe ontwikkelingen niet meer tot de materiaalsoort papier worden gerekend. Tegenwoordig worden synthetische korrels van Super Absorberend Polyacrylaat (SAP) gebruikt.

In het verleden werd echter gebruik gemaakt van diverse lagen tissuepapier om vocht te absorberen.

Luiers kennen een lange geschiedenis. De oude Egyptenaren, de Azteken en de Romeinen kenden al luiers. Katoenen en linnen doeken worden al eeuwen gebruikt als luier. Tegen het einde van de jaren '50 verschijnt de eerste babywegwerpluier. De Amerikaanse Marion Donovan (1917-1998) geldt als de uitvindster. Het belangrijkste voordeel van de wegwerpluier is dat deze na gebruik is weg te werpen. Het absorberende deel van de luier bestond bij de eerste variant uit circa 15 lagen tissuepapier. Aan de buitenkant was een plastic laagje aangebracht. De totale absorptiecapaciteit bedroeg ongeveer 100 ml. In de jaren '60 werden de tissues in het absorberende deel vervangen door papierpulp. De absorptiemogelijkheden namen daardoor toe. Voor wegwerpluiers worden kunststof en SAP-korrels gebruikt. De trend is om luiers dunner te maken. Het materiaalgebruik van wegwerpluiers is de afgelopen tien jaar met 40 procent verminderd, waardoor de milieubelasting is gedaald. De huidige wegwerpluiers kunnen zo'n halve liter vocht opnemen. Zij hoeven daardoor minder vaak vervangen te worden.